Wonen en werken opsplitsen is achterhaald

Zijn docenten moedigden hem aan tot pragmatisme, maar heel erg heeft Vincent Callebaut zich niet laten beteugelen. De Jules Verne van de architectuur laat zich wereldwijd opmerken met zijn futuristische prototypes, ecologische torens en junglesteden. ‘Onze steden moeten een soort van Facebook worden: in plaats van foto’s wissel je er constant elektriciteit uit.’

Als prille dertiger gaf Vincent Callebaut presentaties voor het Europees Parlement en de Verenigde Naties. Hij begeesterde zijn gehoor met spetterende renderings (digitale afbeeldingen die gegenereerd worden uit driedimensionale modellen) van drijvende steden, verticale tuinen en waterzuiverende rivierklievers. Dat alles met veel gedrevenheid, onderbouwd met cijfers en met inzichten uit de biotechnologie. Nog steeds draagt hij zijn ideeën graag over, zoals deze week in Gent, waar de organisatie Derde Long hem uitnodigde.

‘Ik gaf me tien jaar om mezelf op de kaart te zetten’, zegt Callebaut (38), geboren in La Louvière en ondertussen al een decennium opererend vanuit Parijs. ‘Dat deed ik met getekende manifesten, die altijd een link hadden met de maatschappij. In 2005, toen iedereen over de klimaatopwarming en de stijging van de zeespiegel sprak, ontwierp ik de Lilypad, een drijvende stad die geïnspireerd was op de reuzenwaterlelie. Die ideeën zijn snel opgepikt.’

Manifesten als de Lilypad, de verticale tuin Dragonfly en het aquacentrum Solar drop zijn spectaculaire theoretische oefeningen. Beleidsmakers en theoretici lieten er zich graag door inspireren. In de groeilanden bleken projectontwikkelaars geïnteresseerd. In Taipei en Caïro worden de eerste gebouwen weldra opgeleverd.

Welke vraag wilt u in geen geval horen tijdens dit interview?

‘De vraag die altijd terugkeert: kost dat niet veel?’

Vinden de ideeën van uw futuristische manifesten eigenlijk hun weg naar de praktijk?

‘Met die manifesten willen we ons intellectueel voeden. Daarvoor werken we met fabrikanten, ingenieurs en universiteiten. Als we meedoen aan wedstrijden, proberen we die theoretische ideeën om te zetten in realiteit. Dragonfly was een toren die opgevat was als een verticale boerderij. Dat is het uitgangspunt voor onze toren in Taipei geworden. We zaten er in een wedstrijd met Zaha Hadid, Norman Foster en Jean Nouvel. Allemaal bekende namen, met veel ervaring en vormelijk interessante architectuur. Alleen, ze hielden geen rekening met het ecologische plaatje. Wij wel. We konden aantonen dat we de gasuitstoot en het energieverbruik konden halveren. Toen heeft de bouwheer gezegd dat hij liever de eerste was die met ons werkte, dan de laatste die met Jean Nouvel werkte.’

De oudere generatie wordt ­verweten dat ze dominante, spectaculaire beelden maken. Dat doet u toch ook?

‘De starchitects hebben zich laten opmerken met excentrieke ontwerpen. Wij door onze prototypes. We maken ontwerpen met een sterke identiteit, die de stad markeren en die ingaan op de politieke wens om landmarks te bouwen. Maar tegelijk willen we het verschil maken omdat ze efficiënt zijn op vlak van koolstofuitstoot en energieprestaties. Door nieuwe types appartementen doen we aan sociale innovatie. Eengezinswoningen doen we sowieso niet, dat is achterhaald. Wonen en werken opsplitsen is van de twintigste eeuw. Door alles in de stad te concentreren, halveer je je oppervlakte en verbruik.’

Uw beelden zijn futuristisch. Tegelijk beroept u zich op ­elementaire principes uit de ­natuur, zoals de vleugels van een libel, termietenheuvels, of het Amazonewoud. Waarom gebruikt u geen elementaire vormen, zoals de cirkel, de ­kubus of het vierkant?

‘Van meet af aan hebben we ons geïnspireerd op vormen uit de ­natuur. Wij waren de biomimetisten (die biologische fenomenen toepassen voor mensen, red.). Een schelp heeft een mooie spiraalvorm, maar die zorgt ook voor een dynamische stuwing in het water. Dat principe hebben we gebruikt om huizen in Fez natuurlijk te ventileren. Naast een functionele is er een economische reden. De oppervlakte van een kubus is 1,4 keer groter dan een halfrond. We gebruiken dus minder materiaal. Als je het gebruik en het comfort meetelt, is de mens meer gemaakt om in organische vormen te wonen. In de natuur is nergens een rechte hoek.’

De technologie is al voor­handen om hyperintelligente ­torens te bouwen die zelfvoorzienend zijn in energie. Waarvoor hebt u al dat groen nog nodig?

‘Het is meer dan een esthetische toevoeging. We willen een stap verder zetten dan de intensieve landbouw, gebaseerd op chemische supplementen. Die is ook van de vorige eeuw. Op de wanden van een toren willen we gewassen mixen, zodat ze zelf mest en ­natuurlijke insecticiden produceren. Zo is er geen chemische toevoeging meer nodig. Het rendement ligt ook nog eens twee keer zo hoog. We hebben de fictieve ­oefening gemaakt om de oppervlakte van Central Park te draperen op de wand van de Tour Montparnasse in Parijs. Daar zouden de Parijzenaars hun groenten en fruit kunnen telen. Ons voorstel is om te werken met een dubbele wand, waartussen je een aquarium met groene algen kunt aanbrengen. Die breken het organisch afval af en zetten het om in warmte en elektriciteit. Dus hoe meer natuur, hoe meer organisch afval, hoe meer energie.’

Tour Montparnasse is een van de acht prototypes die dienen als provocerend toekomstbeeld van Parijs.

‘Tegen 2050 wil Parijs zijn gasuitstoot met 75 procent verlagen. Een principe waar we van uitgaan is de energiesolidariteit. Binnenkort moeten gebouwen niet alleen zelfvoorzienend zijn, maar meer energie genereren dan ze zelf nodig hebben. Met een smart grid kun je dat energiesurplus verspreiden naar andere gebouwen. Die oefening hebben we gemaakt voor de Rue de Rivoli, een straat van drie kilometer met statige huizen uit de Haussmann-tijd. We moeten naar een Facebook van energie. In plaats van foto’s te delen, wissel je in real time energie uit.’

‘Een ander principe is de vijfde ­gevel: het dak, dus. De directeur van Unesco heeft onlangs voor­gesteld om de daken van Parijs te laten beschermen als Werelderfgoed. Daar kan een hedendaags architect het niet mee eens zijn. Een dak is meer dan een bescherming tegen de regen en de zon. Als we de daken gebruiken voor groen, kunnen ze overdag de zon absorberen en warmte-eilanden worden. Zo kun je de stad bio­klimatiseren en er een ecosysteem van maken, zoals het Amazonewoud.’

Excuus, kost dat niet veel?

(onverstoorbaar) ‘Prototypes zijn duur, maar kunnen nadien gedemocratiseerd worden. Het is zoals de iPhone. De eerste was duur, daarna kostte dezelfde technologie bij een onbeduidend merk vijf keer minder. Het tijdsperspectief is van belang: je moet de achtereenvolgende gebruikscycli incalculeren. Bij oplevering kost een gebouw met extra energierendement dertig procent meer. De eerste tien jaar kun je tot vijftig procent aan energiekosten besparen. Je moet op een periode van vijftien jaar kijken, maar dat ligt momenteel nog wat moeilijk.’

Bron: destandaard.be

Pictures: Vincent Callebaut Architectures.org

3 redenen waarom nieuwe A2-tunnel Maastricht zo bijzonder is

Reden 1: twee verdiepingen met tunnelbuizen Allereerst omdat de 2,3 kilometer lange Koning Willem-Alexandertunnel de eerste tunnel in Nederland is met twee buizen onder en twee buizen boven. De …

Read more